Uitvoeren van postoperatieve anesthesiologische zorg bij patiënten in de laagcomplexe zorgcategorie

Code

MO-opleiding-AM-12

Type

kern

Omschrijving

De activiteit omvat

• Aansluiten van basismonitoring 
• Bewaken, monitoren en interpreteren van de vitale parameters van de patiënt (VAS, Aldrete, PONV) 
• Overdragen van de laagcomplexe patiënt 
• Registreren van postoperatieve gegevens in (patiënten) registratiesysteem 
• Communiceren met de betrokken anesthesioloog en medisch specialisten 
• Toedienen van medicatie 

Beperkingen

 • Deze EPA heeft betrekking op patiënten in de laagcomplexe zorgcategorie, zoals beschreven in de complexiteitstabel 

 • Deze EPA kan worden afgerond wanneer EPA MO-AM-10 en 11 zijn toevertrouwd 

Voorwaardelijkheden (EPA"s)

CanMeds

  • Vakinhoudelijk handelen
  • Communicatie
  • Samenwerking
  • Kennis en wetenschap
  • Maatschappelijk handelen
  • Leiderschap
  • Professionaliteit

Kennis

• Basis anesthesiologische procedure en daarbij behorende postoperatieve zorg (is de patiënt geantagoneerd, heeft hij veel pijn gehad etc.) 
• Operatieprocedure met de daarbij behorende postoperatieve zorg en mogelijke complicaties 
• Afdelingsprotocollen m.b.t. overdrachtsmomenten naar recovery 
• Afdelingsprotocollen van de recovery 

Vaardigheden

• Aansluiten en bedienen van basismonitoring op de verkoever 
• Registreren, monitoren en interpreteren van vitale parameters 
• Uitvoeren van isolatiemaatregelen en richtlijnen m.b.t. hygiëne en infectiepreventie 
• Anticiperen op potentiële veranderde situaties en complicaties 
• Methodisch handelen tijdens het aansluiten, registreren, monitoren van de vitale parameters 
• Prioriteiten stellen binnen de handelingen die in een laagcomplexe zorgsituatie gewenst zijn 
• Op een duidelijke en gestructureerde manier de patiënt overdragen aan de verkoever verpleegkundige 
• Werktempo aanpassen aan laagcomplexe zorgsituaties 
• Naleven van persoonlijke hygiëne- en kledingvoorschriften 
• Herkennen van en reageren op veranderde parameters na transport 
• Patiënten instrueren, informeren en geruststellen binnen laagcomplexe zorgsituaties 
• Communicatie met andere disciplines (overdracht van de patiënt aan recovery) 

Gedrag

Informatie bronnen voortgang

Om de voortgang te monitoren en de activiteit toe te vertrouwen worden meerdere observaties uitgevoerd, door meerdere observatoren en zijn er verschillende informatiebronnen gebruikt, waaronder minimaal een observatie in de praktijk van het uitvoeren van de toe te vertrouwen activiteit.

Fase & niveau

De verwachting is dat de student na 1 jaar van het praktijkgedeelte de EPA op supervisieniveau 4 toevertrouwd kan worden. 
Edit | Back to EPA index